Veelgestelde vragen
Voeding
-
Onderstaande voeding bevat veel eiwitten:
- vlees, kip, kalkoen, wild, vis, schaal- en schelpdieren;
- vegetarische vleesvervangers;
- kaas, vleeswaren, ei;
- melk en melkproducten, sojamelkproducten;
- peulvruchten, tofu, tahoe, tempé;
- noten, pinda’s, pindakaas, notenpasta.
-
- Beleg uw boterham met dubbel vlees- of kaasbeleg, pindakaas of notenpasta. Kies liever geen zoet beleg.
- Neem een gekookte eitje bij uw maaltijd.
- Neem een portie zuivel bij uw maaltijd, zoals een glas melk of een bakje yoghurt.
-
- Wanneer u klachten van verminderde eetlust ervaart en mogelijk uw maaltijd niet op krijgt, neem dan liever geen soep of voorgerecht. Zo blijft er meer ruimte voor de maaltijd.
- Neem altijd een portie vlees, vis of een eiwitrijke vleesvervanger bij de maaltijd. Krijgt u de maaltijd niet helemaal op, probeer dan in elk geval uw portie vlees/vis/vervanger op te eten en laat eventueel uw aardappelen of groente liggen.
- Neem altijd een portie zuivel als nagerecht.
Bewegen
-
Uw mogelijkheden om te bewegen kunnen tijdens een ziekenhuisopname soms beïnvloed worden door uw aandoening of klachten. Zo kan het bijvoorbeeld zijn dat u bepaalde bewegingen tijdelijk niet mag maken, of extra ondersteuning nodig heeft. Ook kan het zijn dat u aan een infuus, zuurstofslang of katheter vast zit. Dit hoeft geen beperking te zijn om te bewegen, maar het is wel belangrijk dat u weet wat u mag en kunt doen. Overleg daarom met uw zorgverlener wat er medisch gezien mogelijk is.
Nadat u dit besproken heeft kunt u zo nodig met ondersteuning uit bed komen. Heeft u een loophulpmiddel nodig, zoals een rollator of looprek? Vraag deze dan aan uw verpleegkundige of laat het van thuis meebrengen. Gebruikt u een rollator en heeft u ook een infuuspaal of extra zuurstof nodig? Vraag uw verpleegkundige dan om een speciale infuuspaal, een zogenaamde mobilyzer. Deze biedt meer steun als een gewone infuuspaal en u kunt er ook een zuurstoftankje op kwijt. Probeer kleding en schoeisel te dragen waarin u makkelijk kunt bewegen.
-
Tenzij uw zorgverlener aan heeft gegeven dat u om medische redenen niet van uw kamer of afdeling af mag, mag u gerust een wandeling maken door het ziekenhuis. U kunt bijvoorbeeld naar het bezoekersrestaurant of een van de winkeltjes in de centrale hal gaan. Met uw verpleegkundige kunt u afspreken of u telefonisch bereikbaar blijft. Vraag eventueel om de ‘Bel-me-schijf’. Deze schijf kunt u op uw bed neerleggen en op de achterzijde uw telefoonnummer noteren, zodat u bereikbaar blijft voor zorgpersoneel.
-
- Blijf dagelijkse activiteiten, zoals uzelf wassen en aankleden, zoveel mogelijk doen.
- Haal een kop koffie of thee.
- Wandelen over de gang of door het ziekenhuis. Indien uw conditie dit toelaat kunt u de trap nemen in plaats van de lift.
- Maak gebruik van een hometrainer of oefenruimte op uw afdeling.
- Loop naar een gezamenlijke huiskamer of zitje.
- Eet indien mogelijk in een gezamenlijke ruimte en niet op uw kamer.
- Ga met uw bezoek even de afdeling af, bijvoorbeeld naar het bezoekersrestaurant of naar buiten. Gebruik indien nodig een rolstoel. Deze is op elke afdeling beschikbaar.
- Kies een van de oefenprogramma’s die weergegeven zijn op deze website. U kunt uw verpleegkundige of fysiotherapeut evt. om gewichtjes of een elastieke weerstandsband vragen. Op sommige afdelingen zijn deze al aanwezig in de Beweegbox.
- Loop naar een van de winkeltjes in de centrale hal.
- Loop naar het grote plein op de vierde verdieping, boven de polihal. Hier staan tafels om met uw bezoek even rustig te zitten. Ook kunt u er diverse kunstwerken bewonderen.
- Informeer op uw afdeling wat de activiteiten zijn en of er een oefenruimte aanwezig is op uw afdeling. Soms zijn er lichte vormen van sport of vrijwilligers die met u iets gaan doen.
-
Bewegen is belangrijk voor elke patiënt, maar niet elke patiënt heeft fysiotherapie nodig. Vaak kunt u prima zelf in beweging blijven. Soms kunt u zich beperkt voelen om te bewegen, bijvoorbeeld door pijn, duizeligheid, angst om te vallen, of omdat u aan een infuus zit. Bespreek deze punten met uw verpleegkundige en kijk samen of hier een oplossing voor te vinden is die ervoor zorgt dat u toch kunt blijven bewegen. Is advies en hulp van een verpleegkundige niet afdoende of heeft u specialistische vragen op het gebied van bewegen, overleg dan met uw arts of een fysiotherapeut u op dat moment kan helpen. Daarnaast zijn er een aantal aandoeningen en operaties waarbij fysiotherapeutische zorg altijd nodig is, hier zorgt de behandeld arts dat er direct een fysiotherapeut van het Maastricht UMC+ bij u in consult komt.